Spelregels

KV Bolsward is er trots op haar leden deze nieuwe kaatsvariant te kunnen aanbieden. Voor degenen die de uitdaging aangaan om kennis te maken met deze kaatsvariant volgen hieronder de spelregels.

De basisregels van het Wallball

  • Het spel wordt één-tegen-één of twee-tegen-twee gespeeld.
  • Er wordt een rubberbal gebruikt. De big ball (Big Blue of Skybouncer) of de challenger 1 (voor de jeugd).
  • Er wordt of zonder handbedekking gespeeld of met speciale dunne handschoenen.
  • De serveerder slaat achter de shortline vandaan (in de serving zone, afbeelding 1) de bal na een stuit in één keer tegen de muur. Dus niet met een opgooi zoals in het Friese spel. De opslag mag zowel onderhands als bovenhands worden uitgevoerd. De opgeslagen bal moet vanaf de muur voorbij de short line terecht komen (in de receiving zone, afbeelding 2).

Bij een te kort (voor of op de short line) of een te ver gespeelde opslag bal (in een keer over de long line) wordt een tweede service gegeven. Als de bal naast het speelveld stuit is er geen tweede service. Ook bij een complete mis-hit of wanneer de bal de muur niet raakt, is er geen tweede service.

Rally: De ontvangende partij moet zich bij de service opstellen achter de serving zone (de beste plaats is ongeveer een meter achter de long line). Vervolgens moet deze de bal na maximaal 1 stuit weer tegen de muur slaan. De bal moet dan vanaf de muur weer in het speelveld (playing zone, afbeelding 3) terecht komen etc. De rally eindigt op het moment dat het één van de partijen niet lukt de bal geldig te retourneren.

  • In de rally ‘vervalt’ de short line en is het hele speelveld (playing zone, afbeelding 3) ‘in’.
  • Bij twee-tegen-twee staat de medespeler van de opslager op het moment van de opslag buiten het veld met één voet voor en één voet achter de service marker (lijntjes waarmee de achterzijde van de serving zone is aangegeven). De medespeler mag pas in het veld komen, als de opgeslagen bal hem/haar is gepasseerd. De opslag gaat over naar de tegenpartij als beide opslagers aan de beurt zijn geweest. Uitzondering: bij het begin van een wedstrijd/set gaat de opslag na één beurt naar de tegenstander.
  • De ontvangende speler(s) mogen bij de opslag niet voor de servicemarkers komen voordat de bal de short line is gepasseerd.
  • De bal moet altijd met één hand worden gespeeld.
  • De bal mag zowel met de vlakke hand als met de vuist worden gespeeld.

Puntentelling

  • Alleen de serverende partij kan punten scoren.
  • De duur van de wedstrijd hangt af van de vorm waarvoor wordt gekozen. Op officiële toernooien worden 2 sets van 21 punten gespeeld en wanneer beide partijen daarvan één winnen, een 3e beslissende set van 11 punten. In kleinere toernooien of in de voorrondes van grote toernooien, worden wedstrijden van 11 of 15 punten gespeeld. Bij clinics of jeugdtoernooitjes voor beginners, kan ook op tijd worden gespeeld (bijvoorbeeld 10 minuten per wedstrijdje).

Regels

  • Lijn is in (uitzondering: bij de service moet de bal de short line passeren).
  • De bal, die terugkomt van de muur, mag direct (volley) of na één stuit worden geslagen.
  • Spelers mogen buiten de lijnen van het speelveld komen.

Voorrang- en hinder regels

  • One Wall Handball is een non-contact sport! (duwen en trekken = verlies van de rally).
  • De partij die aan slag is, heeft voorrang op de tegenstander. Bij dubbelspel mogen beide spelers (die aan slag zijn) niet worden gehinderd bij het bewegen naar een voor hen gunstige(r) positie. (dus: ongeacht of ze de intentie tonen om de bal te spelen of niet!) Het overtreden van deze regel betekent verlies van de rally. Voorbeelden:
    • een tegenstander te passeren terwijl deze de bal speelt.
    • de baan van de bal passeren als de tegenstander aan slag is.
    • praten, roepen of op welke manier dan ook afleiden van de tegenstander.
    • geen ruimte geven aan een achteruit lopende speler.

Legaal hinder of hinderen is een essentiële regel in One Wall Handball.

  • Het komt er op neer dat de speler die het dichtst bij de muur staat (mits deze speler compleet stil staat) géén ruimte hoeft te geven aan de tegenstander om een bal te slaan. Wanneer deze speler toch beweegt om een bal te ontwijken én daarbij het zicht van de tegenstander op de bal hindert, dan is er sprake van blokkeren (van het zicht op de bal) en wordt de rally opnieuw gespeeld.
  • Opslag hinder: Wanneer de serveerder of partner een bal (die vanaf de muur komt) moet ontwijken om te voorkomen dat deze tegen het lichaam komt (screen), dan is er sprake van opslag hinder. Ook wanneer een opgeslagen bal tussen de benen van de serveerder of partner door gaat is er sprake van opslag hinder.
  • Na een opslag hinder wordt er éénmalig opnieuw een 1e of 2e opslag gespeeld. Een tweede, achtereenvolgende opslag hinder levert verlies van de 1e of 2e opslag op.